Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

LastigeKnul
Posts: 31
Joined: Tue Oct 22, 2019 13:42
Real name: Eric van t Hof

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by LastigeKnul » Fri Jun 26, 2020 18:37

clp wrote:
Wed Jun 24, 2020 20:17
Ik vermoed dat in 1990 het begrip "binding" gemeen goed was in de damwereld. Zo vind ik in (Wim van der Kooij, Openingstheorie, in: dammen, T. Sijbrands, juni 1990, nummer 55, p. 20 ):
  • 3.2 Wit streeft naar bindingen
  • Neemt wit de onevenwichtige ontwikkeling van de zwarte stelling als uitgangspunt, dan is het streven naar bindingen een voor de hand liggend plan. Zo kan hij immers proberen zwart te hinderen bij het uitbrengen van zijn lange vleugel.
Kees, dit is een interessante verwijzing. Van der Kooij gebruikt daar inderdaad de term "binding", maar op een geheel andere manier dan waar mijn oorspronkelijke vraag over ging. Zoals "binding" dáár wordt gebruikt, vind ik het taalkundig gezien volstrekt logisch. Hij schrijft namelijk verder:
De volgende groepen van partijen worden hier onderscheiden:

3.2.1 Partijen waarin wit zijn korte vleugel laat opsluiten

3.2.2 Klassieke partijen zonder witte schijf op 27

3.2.3 Partijen waarin wit tracht tot klassiek spel te komen, waarbij hij tevens veld 27 bezet.
Van der Kooij gebruikt hier de term "binding" als een begrip om zowel een opsluiting mee aan te geven, als wat hij even verder op een klassieke centrumbinding noemt.

Om binding te gebruiken als alternatief voor opsluiting is niet gek. Iets binden, iets opsluiten - dat zijn begrippen die in elkaars verlengde liggen.

En ook de klassieke centrumbinding kan ik gemakkelijk begrijpen. De witte schijf op 28 en de zwarte schijf op 23 houden elkaar in bedwang, binden elkaar dus als het ware.

Hetzelfde geldt voor de hierboven genoemde de Manoury-binding met een witte schijf op 50 en een zwarte schijf op 45. Die twee schijven "binden" elkaar daar op die plek.

Maar mijn oorspronkelijk vraag gaat over een een stelling als de volgende:

Image

Deze stelling kwam ik tegen als opgave in de KNDB opleiding tot het Roozenburg-diploma (1999), pagina 2.5. Zwart heeft zojuist de zet 20-25? gespeeld. Bij de oplossing lees ik dan de volgende tekst:
Je moet proberen te onthouden dat voor zwart schijf 23 en schijf 25 samen meestal niet goed is (...) Dat noemen we een slechte binding.
Dát het niet goed is, begrijp ik wel. Maar waarom dat dan een "slechte binding" heet, begrijp ik dus niet. Ik zie namelijk nog steeds niet wie of wat er dan gebonden is. In deze stelling zou je, zoals Van der Kooij hierboven, kunnen spreken van een klassieke centrumbinding, maar dat staat los van de schijf op 25. En ook wanneer er in deze stelling geen witte schijf op 28 zou staan, dan zou je, als ik het KNDB-boek goed heb begrepen, nog steeds spreken van een slechte binding door de gelijktijdige aanwezigheid van de zwarte schijven op 23 en 25.

Maar die twee schijven zijn helemaal niet gebonden! Het tegendeel is zelfs het geval: de schijven staan los van elkaar en binden elkaar op geen enkele wijze. Ook wordt wit op geen enkele wijze gebonden door de twee schijven op 23 en 25.

clp
Posts: 84
Joined: Tue Jul 10, 2018 14:28
Real name: Kees Pippel
Location: IJmuiden

Age quod agis, Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by clp » Sat Jun 27, 2020 13:44

LastigeKnul wrote:
Fri Jun 26, 2020 18:37
Maar die twee schijven zijn helemaal niet gebonden! Het tegendeel is zelfs het geval: de schijven staan los van elkaar en binden elkaar op geen enkele wijze. Ook wordt wit op geen enkele wijze gebonden door de twee schijven op 23 en 25.
In de schaakrubriek van de Nieuwe Rotterdamsche Courant,1927/08/15, gaat M. Euwe dieper in op het begrip binding.
„Age quod agis”, lijfspreuk van Johan de Wit is ook van toepassing op het schaken en zelfs in meer dan één betekenis.
In de eerste plaats is het „doe maar één ding tegelijk en dat goed” een algemeen geldende wet van de schaakstrategie, welker juistheid de schaakmeester onmiddellijk aanvoelt en waartegen desondanks nog zeer vaak gezondigd wordt.

Niet alleen in dezen zin kunnen we „Age quod agis” uitspreken. Het geldt ook voor elk stuk afzonderlijk. De werking van een stuk komt het best tot haar recht als het zich slechts tot het beheerschen van één enkel veld te beperken heeft. Zoodra het meer functies te vervullen heeft, verzwakt de intensiteit van elk der werkingen afzonderlijk. Dr. Lasker schrijft hierover in zijn „Lehrbuch des Schachspiels":

De waarde of liever de werkingssfeer van een stuk wordt verminderd, zoodra het een bepaalde opdracht te vervullen heeft, b.v. de opdracht een kasteel in zijn bewegingen te beperken, of een mat resp. een dreigenden aanval te pareren. Zoo'n opdracht of de verzameling van alle opdrachten, die een stuk te vervullen heeft, noemen we zijn „functie”, een uitdrukking aan de biologie ontleend. Uit het beschouwen van zoodanige functies volgen motieven, welke kunnen leiden tot een combinatie".
Vervolgens bespreekt Euwe in de partijen A. Aljechine - Kuezman en Adam - Torre drie bindingen:
  • Pd7, Ke8, gepend via de lijn a4/d8, door witte koningin op b5
  • Een bijzonder soort functie welke de waarde van een stuk zeer sterk vermindert, is de binding. Een Paard op f3 dat door Rg4 gebonden is beschermt de witte koningin, maar richt overigens niet veel uit.
  • Het mooiste voorbeeld van een gebruik maken van een binding op de onderste lijn geeft de partij Adam—Torre gespeeld in 1920.
Als ik het goed zie dan is een binding in deze context een binding van een stuk aan één of meerdere functies, dus niet per se aan elkaar. Een verplichte binding is volgens het „Age quod agis” principe een verzwakking. In het Duits van ca 1900: een „Bindehemmung”, een remmende (onaangename) binding.

De dammers gaan met het begrip (onaangename) binding nog vrijer om: aanknopingspunt, handenbindertje. Wat de schijven 23 en 25 aan elkaar bindt is de dreiging 27-22*22, waar de zwartspeler rekening mee moet houden.

Op enig moment is "onaangename binding" verandert in „slechte binding". Ik vermoed in de Telegraaf. Omdat in die tijd een bijvoeglijk naamwoord met 5(!) lettergrepen verboden was.

Is slechte binding goed Nederlands? Een slechte (ski)binding kan tot blessures leiden. Maar onze binding is niet slecht. Hooguit de achterliggende positie.
Last edited by clp on Sun Jun 28, 2020 14:13, edited 6 times in total.

LastigeKnul
Posts: 31
Joined: Tue Oct 22, 2019 13:42
Real name: Eric van t Hof

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by LastigeKnul » Sat Jun 27, 2020 18:12

Leuk - dat aangehaalde artikel van Euwe uit 1927 bewijst ook hoe de schaaktaal in de afgelopen 93 jaar is veranderd. Ik lees een aantal verouderde begrippen. Kasteel in plaats van Toren wordt tegenwoordig niet meer gebruikt. Koningin in plaats van Dame is zeldzaam. Vooral het Rg4 kan verwarring opleveren, omdat de Engelsen hiermee Rook g4 mee bedoelen, oftewel Toren g4. Maar in 1927 werd nog het deftige Raadsheer gebruikt in plaats van het wat eenvoudigere Loper, wat we, geloof ik, van het Duitse Läufer hebben overgenomen. En ook binding is geheel in onbruik geraakt en vervangen door penning.

Met de uitleg van slechte binding als handenbindertje kan ik wel leven!

clp
Posts: 84
Joined: Tue Jul 10, 2018 14:28
Real name: Kees Pippel
Location: IJmuiden

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by clp » Sat Jun 27, 2020 20:29

LastigeKnul wrote:
Sat Jun 27, 2020 18:12
En ook binding is geheel in onbruik geraakt en vervangen door penning.
In Toernooibase zal je het begrip binding regelmatig tegenkomen.

De oudste referentie die ik heb kunnen vinden is van Andreas Kuyken in de rubriek van het toenmalige
NRC Handelsblad. Over de spectaculaire partij tussen Theo Tielrooij en Wim de Jong:
Enkele kriteria:
De witte aanvallende stand vertoont géén zwakke plekken (
+ verovering van het strategische punt 24,
+ kontrole over het centrum,
+ vitale basisschijven 47 en 49).
De zwarte schijvenagglomeratie daarentegen vertoont geen enkel innerlijk verband, is volstrekt krachteloos:
+ de opsluiting 14, 15, 20.
+ de achtergebleven schijf 5.
+ het ontbreken van de vitale steunpunten 2 en 4, en daardoor geen ruilformaties tegen schijf 24.
+ het passieve randstuk 36, samen met de onaangename „binding" van en met schijf 22.

Het begrip binding zelfs tussen aanhalingstekens.

Vier jaar later schrijft Ton Sijbrands in zijn Volkskrantrubriek over de overwinning van de 23-jarige Boom op de 32-jarige routinier Visser in de slotronde van het Nederlands kampioenschap:
37 ... 3-9 38.38-33 9-14 39.20x9 4x13. Ongetwijfeld nog het beste,
al is er de binding 15/5 het voor zwart onaangename resultaat van.
De eerste referentie naar slechte binding vond ik in de Telegraaf,
Koelbloedigheid helpt Gérard Jansen aan Europese titel, Dammen door Harm Wiersma.
Zijn tegenstander nam in het middenspel genoegen met een nadelige randschijf en een slechte binding van de schijven 29 en 35.

LastigeKnul
Posts: 31
Joined: Tue Oct 22, 2019 13:42
Real name: Eric van t Hof

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by LastigeKnul » Mon Jun 29, 2020 13:44

Kees, dat is uitstekend onderzoek dat je hebt gedaan! Dank je wel.

Vooral het gebruik van "binding" tussen aanhalingstekens door Kuyken in 1974 is veelzeggend. Dat wijst erop dat hij "binding" op dat moment zelf ook een beetje een vreemd woord vond, maar wat vermoedelijk in de spreektaal wel al enige tijd werd gebruikt.

Het gebruik van "slechte binding" door Wiersma in 1987 over twee witte schijven op 35 en 29 deed mij om een of andere reden denken aan een ook wat aparte uitdrukking in de schaakliteratuur.

In het schaakspel is het van belang dat de stukken "goed samenwerken". En wanneer dat niet het geval is, schrijft men wel dat "de stukken niet goed communiceren".

Zou je nu over die twee schijven van Wiersma, op 35 en 29, ook kunnen zeggen dat ze "niet goed communiceren"? Ik heb die partij opgezocht en nagespeeld. De witte schijven op 35 en 29 blijven in het middenspel geruime tijd daar staan. Ik veronderstel dat het voor wit beter zou zijn geweest dat die schijf 35 op 40 zou hebben gestaan. Klopt dat?

Een witte schijf op 40 kan een witte schijf op 29 "dekken", mits er ook op 45 een schijf staat. Daarnaast kan 40 ook naar 34 worden gespeeld om 29 te ondersteunen. Beide mogelijkheden heeft de witte schijf op 35 niet. Hieruit concludeer ik dat een schijvenpaar op 40 en 29 beter "communiceert" dan een schijvenpaar op 35 en 29, oftewel een betere "binding" heeft.

Excuses voor de simplistische voorbeelden die ik geef; ik ben een beginnend en zwak dammer, maar probeer het spel te begrijpen.

Hierboven schreef ik "dekken" tussen aanhalingstekens. Ik ben al eens door een sterke dammer op de vingers getikt voor het gebruik van het woord "dekken", wat bij het schaken een ander woord is voor "verdedigen". :D

Casper Remeijer
Posts: 1
Joined: Tue Mar 06, 2018 11:58
Real name: Casper Remeijer

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by Casper Remeijer » Tue Jun 30, 2020 12:18

Hoi Eric, ik vind dit onderwerp over (de geschiedenis van) de naamgeving van deze damterm interessant om te volgen. Ik heb nooit stilgestaan bij de term binding in het damspel, een term die ik al op jonge leeftijd geleerd heb. Het gaat inderdaad om de combinatie van meerdere velden die tegelijkertijd bezet worden. Ik blijf het een mooi fenomeen vinden dat je vaak de frisse blik van een nieuwkomer of buitenstaander nodig hebt om dingen op te merken/aan de kaak te stellen die ingewijden logisch vinden/aanvaard hebben, maar misschien niet logisch zijn.

Met de geschiedenis van de term 'slechte binding' kan ik jou en Kees niet helpen, maar ik wil wel ingaan op de slechte binding tussen witte schijven op 29 en 35. Dat heeft niet met het verdedigen ('dekken' voor de dammende schakers onder ons :P) van 29 te maken. Ook met schijven op 33 en/of 34 en eventueel meer schijven op de linies 33-50 en 34-45 achter 29 is 29+35 vaak een slechte binding.

De kern van de zwarte opstelling die je vaak ziet om te profiteren van 29+35 zijn schijven op 15, 19 en 20 en vaak ook 25, hoewel 25 optioneel is. Daarnaast kan zwart bijv. ook schijven hebben op 8, 13 en 18 om 32-28 van wit te (kunnen) beantwoorden met het innemen van de (halve) hekstelling door 19-23 28x19 13x24 (als 33 gesloten is).

29+35 is een slechte binding, omdat het wit gebonden spel geeft. (Wat wordt er precies gebonden? Ook buiten het dammen heb je deze onovergankelijke betekenis van binden, bijv. gebonden soep.) Wit heeft weinig speelvrijheid, terwijl zwart met stukken op 15, 19, 20 en eventueel 25 veel opties heeft. Zwart kan met een witte schijf op 33 op ieder moment een (halve) hekstelling innemen, met een open veld 33 en/of 34 kan zwart 29 aanvallen met 19-23 of 19-24, zwart kan wachten door op de andere vleugel te spelen en als zwart toch geen heil ziet in een (halve) hekstelling of schijf 29 aanvallen dat kan zwart altijd nog 20-24 29x20 15x24 of 25x14 spelen. Als zwart een randschijf op 25 heeft, kan zwart er altijd voor kiezen om 25 te ontwikkelen met 20-24x14 en randschijf 15 kan naar 24 gebracht worden. Wit heeft deze mogelijkheden niet. Wit kan niet zomaar randschijf 35 ontwikkelen (als wit wel bijv. 35 naar 24 kan brengen dan is de situatie heel anders), wit moet 29 verdedigen en wit moet continu rekening houden met dat zwart een (halve) hekstelling in kan nemen.

Ik geloof niet dat ik ooit een (niet-schakende) dammer heb horen spreken over schijven die goed of slecht communiceren. Je vroeg of 35 beter op 40 kan staan en dat klopt meestal. Als wit de rechterpiramide 29, 33, 34, 38, 39, 40 heeft en zwart een (halve) hekstelling dan kost 29-23 spelen met een schijf op 35 erbij een schijf. Zonder 35 kan wit 29-23x23 ruilen (als zwart op 18 staat) en als daarnaast ook 18 en 34 open zijn kan wit ook 29-23 spelen. Zonder witte schijf op 35 zijn zwarte schijven op 15, 20 en 25 voornamelijk zwakke randschijven, terwijl met een aanknopingspunt in 35 deze zelfde schijven wit vast kunnen zetten en in het algemeen dreigend zijn.

In zekere zin zijn 29 en 35 wel degelijk gebonden. Ze zijn met de juiste opstelling van zwart (als combinatie) gebonden aan de velden die ze bezetten. Wit kan niet meer van deze schijvencombinatie af; alleen zwart kan ervoor kiezen de situatie te veranderen. Zonder 35 kan wit 29 veel makkelijker naar 23 of 24 brengen, maar door de combinatie 29+35 kan zwart deze schijven vastleggen en daarmee vaak ook de hele korte vleugel van wit vastleggen.

Dit sluit aan bij de controle waar je het eerder over had. Dit bestaat in het dammen ook. Een slechte binding kan de tegenstander de mogelijkheid geven om de stelling te controleren en dan kom je niet meer van je binding af. De gelijktijdige bezetting van 29 en 35 geeft zwart de mogelijkheid om de witte korte vleugel te controleren.
Je kan een veld controleren, een vleugel controleren, een lijn controleren (met een dam en zelfs met een schijf: schijf 46 is meestal geen bijster nuttige basisschijf, maar in het eindspel geeft schijf 46 wit controle over de lange lijn (als zwart niet ook 5 nog heeft)), een kwadrant controleren en een stelling of stellingsaspect controleren. Een veld bezetten is niet hetzelfde als een veld controleren en een veld bezetten kan permanent zijn. Met velden bezetten moet je soms oppassen, omdat je een veld bezetten vaak niet ongedaan kan maken. Een veld controleren zonder het te bezetten is vaak beter dan dat veld bezetten.

CaspervanderTak
Posts: 25
Joined: Sun Dec 06, 2015 11:38
Real name: Casper van der Tak

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by CaspervanderTak » Wed Jul 01, 2020 06:36

Namen geven aan stellingskenmerken en herkennen wanneer die namen (en stellingskenmerken) relevant zijn helpt bij het onwikkelen van begrip en intuitie voor het spel. Een belangrijk punt bij een "binding" is dat het om een permanent stellingskenmerk gaat. Bijvoorbeeld, er alleen sprake van een binding tussen twee wittte schijven op 26 en 28 als het opspelen van een daarvan op grote bezwaren stuit. Vaak is dat het geval (zwart slaat), soms niet (bijvoorbeeld als wit met 28-22 and 26-21 een 2 om twee kan nemen).

Dit is ook belangrijk bij een binding tussen 29 en 35. Er is alleen sprake van een binding (en een slechte) als er geen aansluiting is (schijven die samen met 29 een formatie vormen) en als zwart "dichtbij" staat. Zonder aansluiting kan wit meestal niet verder met 29-24 of 29-23, en als zwart dichtbij staat is 35-30 ook meestal slecht (25x of een 1 om twee met 20-24 en 15x35). "Aansluiting" maakt dat wit met 1. 33-29 of 1. 34-29 kan openen zonder dat direct betekent dat er direct sprake is van een "slechte binding".

Nog een laatste opmerking - soms wordt er ook van een binding gesproken tussen twee schijven van een verschillende kleur, bijvoorbeeld een witte op 15 en een zwarte op 4, of een witte op 50 en een zwarte op 45. Dat zijn ook gevallen waarin schijven aan elkaar gebonden zijn, omdat je meestal niet de een op kan spelen zonder potentieel ernstige gevolgen (slaan of doorloop naar dam). Zo'n binding kan ook goed of slecht zijn voor een van beide spelers. Je kan dit ook een oppositie noemen, of in geval van 50/45, een "Sargin-detail".

CaspervanderTak
Posts: 25
Joined: Sun Dec 06, 2015 11:38
Real name: Casper van der Tak

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by CaspervanderTak » Wed Jul 01, 2020 06:40

Ah ik zie nu dat Casper een aantal vergelijkbare opmerkingen maakte. Nou ja, aanvullend commentaar zullen we dan maar zeggen.

ildjarn
Posts: 1494
Joined: Tue Aug 22, 2006 15:38
Real name: Joost de Heer

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by ildjarn » Wed Jul 01, 2020 13:23

CaspervanderTak wrote:
Wed Jul 01, 2020 06:36
Bijvoorbeeld, er alleen sprake van een binding tussen twee wittte schijven op 26 en 28 als het opspelen van een daarvan op grote bezwaren stuit.
In het geval van 26/28 zijn het vooral de combinatieve mogelijkheden tegen deze schijven die voor de slechte binding zorgen.
Lasst die Maschinen verhungern, Ihr Narren...
Lasst sie verrecken!
Schlagt sie tot -- die Maschinen!

clp
Posts: 84
Joined: Tue Jul 10, 2018 14:28
Real name: Kees Pippel
Location: IJmuiden

Re: Waar komt de term "slechte binding" vandaan?

Post by clp » Wed Jul 01, 2020 13:50

henk stoop wrote:
Wed Jun 24, 2020 13:18

In de Russische versie (2000) staat steeds “coчeтaнияx” of een variatie op dit woord. De Nederlandse vertaling is inderdaad “combinatie(s)”.
In de eerste druk van Strategie Kompas (1991) wordt de term binding al gebruikt. Die eerste druk is een vertaling door Alexander Baliakin en Paul Visser van het Russische boek, toen nog een manuscript.
Van Jesse Bos ontving ik per email een bijdrage. Jesse is de inloggegevens van het forum kwijt. Hierbij zijn bijdrage:
Jesse Bos wrote:
Wed Jun 24, 2020 13:18
Kats heeft het inderdaad over bindingen. Maar hij gebruikt dit systematisch voor schijven van dezelfde kleur op dezelfde rij waar één veld tussen zit (zoals 26 en 28 van wit, of 27 en 29). Hij schrijft niets over andersoortige bindingen die in de forumdiscussie genoemd zijn (bv. Het Sargin-detail of eindspelbindingen tussen schijven van verschillende kleur). Dit gebruik van de term binding wijkt af van eerdere gebruiken die benoemd zijn (“een stand met veel bindingen”, in Kats-terminologie zou dit een stand met veel formaties zijn).

Naast de binding tussen schijven van dezelfde kleur gebruikt Kats ook de term tandem (Henk S. zal wel weten welke Russische term hiervoor gebruikt wordt). Dit gebruikt hij voor schijven op dezelfde rij op aangrenzende velden (bv 22 en 23), bij voorkeur op de zesde rij. Voor zover ik weet, is de term tandem nooit ingeburgerd geraakt.

Bij de term binding zoals Kats heb gebruikt worden dus geen schijven van de tegenstander gebonden, maar zijn twee schijven van dezelfde kleur gebonden, met een tussenliggend krachtveld dat van belang is voor de strijd. Domineert de speler met de binding het krachtveld, dan is de binding sterk. Domineert de tegenstander het krachtveld, dan is de binding zwak. Uiteraard spreekt dit concept mij als chemicus aan omdat dit overeenkomt met de werking van de chemische binding (atomen met het krachtveld ertussen – een krachtveld kan bindend, of anti-bindend zijn).

Dit gebruik van binding wijkt af van gebruik van binding in het eindspel, waarin vaak twee schijven van verschillende kleur aan elkaar gebonden zijn (zoals z36 en w47, of z45 en w50).

Volgens mij is Kats daarmee de eerste die systematisch de term binding gebruikt voor schijven van dezelfde rij met één veld ertussen. Binding tussen schrijven zoals Lastige Knul beschrijft voor het schaken is volgens mij al veel ouder (ik dacht dat J.F. Moser het al had over bindingen in het eindspel – maar dat weet jij ongetwijfeld veel beter dan ik). CLP: Dat blijkt niet het geval te zijn.

Post Reply